In Dutch and in English.
Lets start with the story in English. See also http://nl.wikipedia.org/wiki/Henk_de_Velde in Dutch, English and Spanish. But also read http://www.chriswhitedesigns.com/news/voyages/juniper_henk.shtml and http://smalltr idesign.com/interviews.html
It was a boys dream. A young boy wandering along the waterfront, looking at ships, asking the crew where the ship comes from or where they go to. He feels the mystery of the ship; you don’t know where it comes from and you don’t know where its going to. And when the boy came to the age of discretion he choosed to become a captain and when he advances the the art of the mariner he decided to become a small boat sailor and eventually a single-hander. He roams around the world; one, two, six times because the world is round and there is nothing more to discover than more experiences.
When one of Magellaens ships came back in Lisbon there was no
record-keeping institute to brand it as a first around the world. The ship which came in was almost a wreck and the men on board where a dying few of a proud crew which sailed away to discover the world. The discoveries of the world have almost always been done to benefit a state, a country or some rich families. But most the men on board must have been of the adventurous types. I must say; most, but I am not sure because part of the crew was shanghaied or were only on board to escape the hand of the law. Most of these men did not come back. Thats how the world was discovered.
So when did it change ? When did a discovery had to be a first ?
First on Mount Everest, first Nonstop, first on the Moon. And is it important ? Is it important for the discoverer ? Or is the discoverer only an adventurous type who cannot or will not fit into the, lets call it the normal world ? Amundsen, Scott, Slocum, Moitessier, Knox-Johnston ? Between the last two we begin to see a difference in attitude. Robin Knox-Johnston wanted to be the first while Bernard Moitessier found out during the voyage that first is nothing more than a returning to where he came from.
The colours of the sea are changing when light is changing. Clouds reflect in the water. Sometimes big creatures come and have a closer look. Once I looked into the eye of a whale and a warm feeling of understanding came over me.
Seafaring is searching for new destinations behind the horizon and some of the chosen destinations are hard to get to.
Two years later, in 2007, I departed again for my Never Ending
Voyage. I had a voyage in mind to islands where nobody goes. Some in the tropics, some in higher latitudes. This warrior is on his way home. Why, I call myself a warrior ? The answer is that I had to fight for all I did or decided to do. Why am I on my way home ? Six circumnavigations. Isn’t that enough ? I have learned to see the world in a grain of sand. (2011)
So, it’s a strange feeling when you come back to civilization. This transition can be very difficult….
(extract from The New Discoverers published by Thames and Hudson – London )
EN EEN VERHAAL OVER DIE ZWERVER …
Ik heb de gedoemde zwerver wel eens in een Amsterdamse kroeg ontmoet. Eenzaam hing hij aan de bar, licht beschonken. Hij was vriendelijk, toegankelijk, joviaal zelfs. Dat wel. Maar in alles merkte je aan hem dat hij het niet lang aan de wal ging volhouden. Ja, ik heb het over Henk de Velde, de zeezeiler.
‘De zeezwerver is uitgeraasd’, kopte De Telegraaf gisteren. Het stond
boven een verhaal waarin verteld werd dat Henk zondag gedreven door geldgebrek en verlangen naar zijn zoon Stefan – op Paaseiland geboren -in IJmuiden had aangemeerd. “Ik ga niet meer rond-de-wereld-reizen maken”, zei hij. “Hooguit speciale expedities van een paar maanden. Het ‘moeten’ is er vanaf, ik wil niet een zwerver van de zee worden.” 
Ja ja, zal wel, dacht ik.
Aan Henk de Velde (62) denk ik altijd als ik ‘Zeekoorts’ van Slauerhoff lees, de dichtende scheepsarts. Het laatste couplet: “Ik ben een gedoemde zwerver, waar moet ik anders heen? / Maar gelaten door de wind gaan, weg uit de stad van steen. “ Geen vrouw, geen haard verwacht mij. Ik blijf ook liever zonder. ‘k Heb genoeg aan een pijp op wacht en een glas in ‘t vooronder.”
Het beeld dat Slauerhoff – hij leefde begin vorige eeuw – daarmee schetst, is inmiddels verouderd. Toch benadert het nog steeds de werkelijkheid. Ik kende een Haarlemse zeeman, nu niet meer onder ons. Ook zo’n man die zich slechts op z’n gemak voelde wanneer hij door hoog opspattendschuim werd omringd. Hooguit twee maanden per jaar was hij thuis. En tot grote ergernis van zijn vrouw stapte hij in die periode ‘s ochtends vroeg op zijn brommer om naar de pier van IJmuiden te rijden, waar hij urenlang naar de zee ging zitten staren.
Ik wil niet een zwerver van de zee worden… 
Alsof Henk de Velde dat niet allang is. Op zijn vijftiende was hij al lichtmatroos, op zijn 28e kapitein op de koopvaardij. Vier keer rondde hij Kaap Hoorn, vijf keer voer hij met een zeilschip de wereld rond, met onder andere een dubbele schedelbasisfractuur als resultaat. Zijn grote droom was een tocht
die nooit eerder door iemand was gemaakt: van de Noordpool naar de
Zuidpool via de Noordoostelijke Doorvaart. Hij begon eraan, maar in
Moermansk weigerden de Russen hem een visum te verschaffen. Tien maanden lang was hij gedwongen in Noord-Siberië te overwinteren. De temperatuur kon daar dalen tot 52 graden onder nul. De droom werd nooit vervuld en ik kan mij niet voorstellen dat Henk de Velde hem niet meer zal najagen, zoals hij beweert. “Je hebt pas verloren als je het opgeeft”, zei hij altijd. En deze gedoemde zwerver is nu eenmaal geen verliezer.
(Rob Hoogland uit de Telegraaf 13 sept 2011)
EN uit de Volkskrant;
Zeezeiler Henk de Velde is terug van de tocht waarvan hij niet zou terugkeren: zijn never ending voyage kreeg alsnog een eind. Jaren zwierf hij solo over zee, zeilde hij voor de zesde keer de wereld rond, maar zaterdagmiddag meerde hij zijn lavendelblauwe trimaran Juniper aan in IJmuiden, op zoet water achter de sluizen, in het land dat hij voorgoed verlaten had.
Het idee voor altijd te vertrekken, zat al jaren in zijn hoofd; hij droomde van de nauwelijks bewoonde eilanden in de Stille Oceaan waar het begrip geld niet bestaat, en waar hij zijn 16 meter lange boot zo het strand kon opschuiven. ‘Ik ben er geweest hoor’, zei hij zaterdag, ‘ik heb het allemaal gezien. Ze weten daar inderdaad nog steeds niet wat geld is. Het is er schitterend en ze vroegen me vooral te blijven. Maar het begon me tegen te staan, ik zag er de pensionados in hun boten en ik dacht: zo ben ik niet.’
Egoïst
Bij zijn vertrek, vier jaar geleden, waren de critici fel; in Pauw & Witteman wachtte hem een kruisverhoor. Hij zou een egoïst zijn, Henk de Velde, een man die iedereen achterlaat om zelf gelukkig te zijn op zee. Hij liet vooral zijn moeder achter en zijn zoon Stefan (30), geboren op Paaseiland tijdens zijn eerste wereldomzeiling. Stefan wilde niet dat Henk vertrok. Maar Henk deed het toch.
‘Ik begreep die kritiek niet. Ik heb nooit begrepen dat mensen je echt enorm kunnen missen. Bij mijn aankomst hier zag ik Stefan staan, met een gezicht dat ik nooit eerder had gezien. Op dat gezicht zag ik wat het met hem heeft gedaan. Ik heb die jongen te weinig aandacht geschonken.’
De Velde (62) maakte naam met zeilexpedities en soloraces rond de wereld. Met de stalen Campina probeerde hij de Noordoostelijke doorvaart te maken, bovenlangs Rusland; hij raakte ingevroren in Siberië en keerde in eind 2004 terug in IJmuiden met een gat in zijn schip en de zeilen aan flarden. Ook toen stond Stefan op de kade, met hetzelfde, bezorgde gezicht. ‘Dat heb ik toen helemaal niet gezien, weet je dat? Maar nu wel. Nu denk ik: is het wel eerlijk geweest, een vader zijn die altijd weg is? Mensen missen mij meer dan dat ik ze mis, maar dat hoeft geen reden zijn ze achter te laten.’
Geld
De andere reden om terug te keren is geld. Hij had 8.000 euro per jaar nodig om te zeilen, en dat kwam er niet. De uitgeverij van zijn boeken ging failliet, de lezingen die hij gaf in Japan en Australië waren schaars en leverden hooguit een paar honderd euro op. Hij verkocht honderd aquarellen voor 25 dollar per stuk, vloog terug naar Nederland om er lezingen te geven, maar uiteindelijk braken de financiën hem op. Zijn laatste tocht, van het eiland Nantucket rechtstreeks naar IJmuiden, maakte hij op geleend geld.
Geboortegrond
Nu legt hij de Juniper in Amsterdam-Noord, op de werf van zijn vriend Simon Rhebergen. ‘Ik blijf zeilen, maar de wereld hoef ik niet meer rond’, zei hij, ‘het moeten is eraf’. Wat Henk de Velde graag wil, is het Markermeer over, de Ketelbrug onderdoor, naar Kampen en IJsselmuiden, zijn geboortegrond.
(Toine Heijmans in de Volkskrant, foto ANP)






