De zomer van 2015 (in Dutch only)

Niet dat de zomer nu al afgelopen is. Ik verwacht nog een mooie september. Momenteel lig ik nog bij Simon Rhebergen in Amsterdam. Het komende weekend vaar ik terug naar Roggebotsluis. 

Zware wolken KLHet is sinds een aantal jaren dat ik weer een hele zomer in Nederland ben. Het is prachtig. Echt, de veranderingen van “stemmingen” in de boven en onderluchten doen me goed. Ik heb zelden met zo veel plezier naar die overdrijvende wolkenmassa’s gekeken. In allelei vormen van kleine witte schapenwolkjes naar dikke donkere dreigende luchten. Meestal merkte ik pas iets van de regen als ik al drijfnat was want na dat grijze wolkendek zag ik al weer een andere lucht opdoemen.

Soms waren er helemaal geen wolken. Dan was de lucht helder blauw en de temperatuur liep dan ook op tot ver boven de 30 graden. Mijn kop verbrandde, ik werd bruin maar meestal zocht ik dan de schaduw van een boom en tuurde door de bladeren heen naar de verte in de hoge lucht.

Om me heen zag ik mensen zich koesteren in de zon. Dit is dus zomer. Heerlijk. En als het regende … dan bleef men binnen behalve een groep kinderen, die hadden hutten gebouwd van kratten en pallets en zaten onder een dak gemaakt van planken met een zeildoek. Ja, dat lekte maar dat bracht nieuwe ideeën want dan bedacht men hoe ze het dak waterdichter konden maken.

Toen kwam de wind. Natuurlijk had ik die al aan zien komen want tegenwoordig wordt je overvloedig gewaarschuwd over het armageddon wat op komst is. Ik had het al gezien aan de lucht en aan de barometer. Toen hoorde ik de wind en keek met verwondering naar dat natuurgeweld. Bomen knakten … pijn, ik voelde de pijn van die bomen. Ze stonden zo fier eerder die week met mij naar de mooie wolkenluchten te kijken en hadden mij schaduw gegeven voor de zon. Nu was ik er juist niet onder gaan staan want de boom schudde en de grond trilde en boven in de lucht donderde het en de bliksem schoot door de hemel. Thor, de god van de donder dacht; laat ik die mensjes eens even laten schrikken en ik keek en genoot en merkte weer eens niets van de regen ….

Dat is dus zomer in Nederland en wat heb ik allemaal gedaan tussen al die verschillende weertypes door: ik heb een andere route naar de supermarkt gekozen, ik heb een dozijn boeken gelezen en ben driekwart in het boek wat ik aan het schrijven ben. Ik heb me opgegeven voor een seminair over een Middeleeuwse monnik en natuurlijk was ik bezig met de sponsor zoektocht voor de Route du Rhum. Maar dat moest ik even laten rusten. Ook CEO’s en beslissers bij bedrijven gaan met vakantie. Even ligt de wereld stil. Ja, het is zomer. Ik ben gaan wandelen, ook ‘s nachts als er een sikkel maan stond; ik dacht toen aan die Sjamaan-vrouw toen ik 12 jaar geleden overwinterde in Siberië … ze stond opeens voor de boot. Ze zei: Mir (de wereld) heeft geen iemja (naam). Maar de mensen hebben gara (bergen), mys (kapen) en morje (zeeën) iemja (namen) gegeven om niet te zabloedsjiej (verdwalen). De mir (wereld) kan njet (niet) zabloedsjiej (verdwalen). Ty (jij) wel. Ze wees op mij en zei nog veel meer in een vloed van woorden en gebaren. Toen draaide ze zich om en liep weg. Even later zag hij haar over de vlakte verdwijnen. Om mij heen voelde ik de eeuwigheid.