Ik denk aan mijn vorige reizen/ I think of previous journeys (Dutch/English)

De zee is de weg naar nieuwe bestemmingen achter de horizon en een aantal van die bestemmingen zijn moeilijk te bereiken. Drie nachten geen maan en een donderend geweld om mij heen. Het water schiet voorbij en barst onder tegen het dek in miljoenen keiharde waterspetters als hagelstenen uiteen. Geen maan te zien, toch wast zij elke dag en elke dag zou zij langer zichtbaar zijn als de wolken er niet waren. Dikke stratos. Regen. En een snel zakkende barometer. Een klamme jas. Koud. Ik reef het grootzeil en draai de genua verder in. De klappen tegen het dek zijn oorverdovend, alsof de lucht binnen samen wordt geperst. Een eenzame albatros zweeft met me mee. Wolken, water, het gouden glinsterende water en watergeruis. Dan komt er weer een wolk en het goud wordt grijs, soms zwart. En ik, de individuele nomade, de verlatene …. ‘Hulp, wat is hulp, hulp kun je niet verwachten.’ Alleen zijn kan angstig zijn maar is tevens mijn kracht … want er is geen mens die me helpen kan !

Ik denk aan mijn vorige reizen, ik denk aan anderen, zonder anderen zou deze wereld niet bestaan. Zonder anderen zou er enkel eenzaamheid zijn. Nu denk ik aan vroegere situaties waarbij ‘die anderen’ betrokken waren. Eenzaamheid is alleen-zijn en eenzaam-zijn te samen. Nu ben ik alleen, maar ik geloof niet dat ik veel met eenzaamheid te maken heb gehad. De eenzaamheid heb ik in eigen hand. Vrienden kiezen, omgeving kiezen, ik mag kiezen en door een keuze te maken in mijn hart, verdrijf je de eenzaamheid. Nu, in deze nacht vol herinneringen, zing ik mijn lied, eerst heel zachtjes, dan veel luider en daarna brul ik het over de Grote Oceaan… en Grote Broer luistert mee. Grote Broer in Zuidoost-Azie, Manitou bij de Amerikaanse indianen, ieder volk heeft wel een Grote Geest; de mijne zweeft boven de wateren.

The sea is the road to new destinations behind the horizon and a number of these destinations are difficult to reach. No moon for three nights and a thunderous violence around me. The water rushes past and bursts against the deck in millions splashes like hailstones. Too many clouds to see the crescent moon and every day she will be visible longer when those clouds disappear. Thick stratos. Rain. And a fast falling barometer. A clammy coat. Cold. I trim the mainsail and the genoa. The blows against the deck are deafening, as if the air is pressed together. A lonely albatross follows me. There are many things that I will never forget, in fact, never want to forget. Clouds, water, the golden glittering water and water noise. Then another cloud comes and the gold turns grey, sometimes black.

And I, the individual nomad, the abandoned one … “Help, what is help, you cannot expect help.” Being alone can be scary but also my strenght …because no-one can help me …

I think of my previous journeys, I think of others, without others this world would not exist. Without others, there would only be loneliness. Now I am thinking of earlier situations where ‘those others’ were involved. Loneliness is being alone and being lonely together. Now I am alone, but I do not think I have had much to do with loneliness. Loneliness is in my own hands. Choosing friends, choosing an environment, I can choose and by making a choice you drive away the loneliness. Now, in this night full of memories, I sing my song, first very softly, then much louder and then I roar over the Pacific Ocean … and Big Brother listens. Big Brother in Southeast Asia, Manitou with American Indians, every nation has a Great Spirit; mine is floating above the waters.