uit De Zee, Mijn Leven … buen viaje, Solitario (Dutch/English)

Daar tussen de Grote en de Atlantische Oceaan ligt Kaap Hoorn. Ze beweren dat een aantal mijlen uit de kust de duivel op je wacht met opengesperde muil, een muil van woest water en zware ketenen, woest brullend, menig schip naar zich toe trekkend. Dat is de zuigkracht van de Hoorn. Het voorportaal van de hel. De geopende muil. Het zijn vreemde dingen die de mens verzint.

Dan komen de vlagen door, eerst kort, maar vervolgens steeds langer. Hier is de wereld niets dan waaiend schuim. De hele zee wordt wit. We jakkeren voort. Het volgende front passeert. We worden overspoeld, de zee dondert op ons neer. Ik kan het niet geloven, zo vlak voor Kaap Hoorn, maar moet het accepteren. Het scheepje werkt en stuift steeds weer met haar boegen uit de golven. Een groene golf komt over en het water stroomt naar binnen. Ben ik de situatie de baas ? De bakboord achterkant wordt opgetild. Ik kijk uit mijn koepel en zie een muur van water komen en … “please”, gaat het door mij heen.

De volgende morgen is de wind afgenomen tot 5. De zee breekt nog, maar de kracht is eruit. Dan komen de vogels en heel veel soorten meeuwen in allerlei kleuren. Het wordt langzaam donker en de zee is bijna helemaal weg. Een lange deining rolt onder mij door. Er staat een vuurtoren op Ramirez en ook op Kaap Hoorn. Op de eilanden woont niemand, maar er zijn wel vuurtorenwachters die daar een tijd verblijven en vervolgens worden afgelost.

In het donker zie ik de vuurtoren knipperen. Op de VHF roep ik de wachters op, ik verwacht eigenlijk geen antwoord. Maar ik krijg antwoord en in mijn steenkool Spaans vertel ik hun van mijn reis en mijn mooie schip en de droom van de Hoorn, Cabo de Hornos. Zij hebben meer belangstelling voor mij en willen alles weten. Buen viaje, Solitario …

Onderweg zijn is een tijdloze onderneming. Ik bedoel het echte onderweg zijn, niet het bezoeken van exotische plekken met witte stranden en palmbomen. Ik bedoel het reizen over lange, grijze afstanden, tussen hier en daar, tussen verschrikking en verwondering en elke reis heeft die momenten. Momenten die dagen duren en dagen die momenten lijken. Waarom ga je ? Om landen te bezoeken ? Om je droom waar te maken ?  Om jezelf te vinden ? Om de eenzaamheid ?  Of ga je om niet meer te willen weten waar je heen gaat of niet meer willen weten waar je vandaan kwam ? Mensen die veel reizen verliezen ergens onderweg hun ziel. Die ziel zweeft rond, daar boven de ozonlaag, in een tijdloos land, in een tijdloze wereld, in tijdloze gedachten.

Cape Horn is located between the Great and the Atlantic Ocean. They claim that a number of miles from the coast awaits the devil with open mouth, a mouth of ferocious water and heavy chains, roaring wildly, pulling many a ship to himself. That is the suction power of the Horn. The front portal of hell. The opened mouth.

Then the gusts come through, first briefly, but then increasingly longer. Here the world is nothing but blazing foam. The whole sea turns white. The next front passes. The sea thunders by. I can’t believe it, so near Cape Horn, but must accept it. The boat works and raises again and again with its bows from the waves. Everywhere green water. Am I in charge of the situation? The port float lifts, I look out of my dome and see a wall of water coming and … “please” … but I survive.

The next morning the wind has dropped to a force 5. The sea is still breaking, but the power is gone. There are lots of seagulls in all kinds of colours. It slowly gets dark and the seastate has calmed. A long swell rolls. There is a lighthouse on Ramirez and also on Cape Horn. No one lives on the islands, but there are lighthouse keepers who stay there for a while.

In the dark I see the lighthouse flashing. On the VHF I call on the guards, I do not expect an answer. But I get an answer and in my Spanish I tell them about my journey and my beautiful ship and the dream of the Horn, Cabo de Hornos. They are more interested in me and want to know everything.

Buen viaje, Solitario …

Being on the move is a timeless venture. I mean, not visiting exotic places with white beaches and palm trees. I mean traveling over long, gray distances, between here and there, between horror and wonder and every journey has those moments. Moments that last for days and days seem like moments. Why are you going ? To visit countries? To make your dream come true? To find yourself? To the loneliness? Or are you going not wanting to know where you are going or not wanting to know where you came from? People who travel a lot lose their soul somewhere along the way. That soul floats around, above the ozone layer, in a timeless land, in a timeless world, in timeless thoughts.