Nazomer … (Dutch only)

Het Ketelmeer is een randmeer dat is ontstaan in 1956 door de inpoldering van Oostelijk Flevoland. De randmeren zorgen ervoor dat het ‘oude land’, het niet-ingepolderde land, niet verdroogt en verzakt. Dit hele gebied van de oorspronkelijke IJsseldelta is prachtig gecultiveerd tot een natuurgebied dat men graag vergelijkt met de Biesbosch. Er zijn eilandjes aangelegd en er zijn eilandjes ontstaan. Op een gegeven moment is men in het Ketelmeer begonnen met een slipdepot: het IJsseloog. Dit depot, waar vervuilde slip wordt opgeslagen, werd een basis van weer een nieuw natuurgebied en daar ligt de Solitario nu ten anker.

Ik heb hier een boek liggen en de eerste zin is: This is the most beautiful place on earth. De tweede zin luidt: There are many such places. Je kunt je de vraag stellen: is de mooiste plek op aarde een plek om te blijven of slechts te bezoeken. Je kunt foto’s nemen van zo’n plek en die daarna altijd als herinnering met je mee dragen. Ik heb echter eens een opstapper gehad die juist géén foto’s maakte. Hij zei: als het zo mooi is, dan hou je dat beeld altijd in je hoofd. Ik lig nu een week in de IJsseldelta. De eerste ankerplek was in het Ijsselloog en na drie dagen dacht ik: waarom zou ik weg gaan?

De huidige eilanden zijn dus in eerste instantie aangelegd en daarna heeft men de natuur z’n gang laten gaan. Dat laatste is weer niet helemaal waar, want in Nederland laat men de natuur niet z’n gang gaan daar zorgen Rijkswaterstaat en Staatsbosbeheer voor. De Hanzeplaat wordt gescheiden van het Oog door een mooie doorvaart. Men liet het gras en de bomen groeien en door het een vogelbroedplaats te maken gaf men de vogels de kans. Er staan ook overal bordjes dat het verboden is je aan wal te begeven. Alleen het Keteleiland is eigenlijk toegankelijk. Daar ligt ook een grote voormalige Rijkswaterstaat-aanlegkade, die nu in gebruik is voor de watersport.

Ook het Ijsseloog kan in het zomerseizoen druk zijn. Maar het zijn meest stiltezoekers die daar liggen. Het is er stil, op het geruis van de bomen na en het getjilp van de vogels. Afhankelijk van de wind zoek je een plek in lij. In het oog lig je eigenlijk altijd goed. Bij de andere eilanden is het verstandig op de wind te letten en in lij te ankeren. Dit gebied is zo wonderlijk mooi. Er zijn geen havens en geen terrassen. Geen geroezemoes van mensen, huizen en straten. Wolken drijven over. Vogels tjilpen. De oevers zijn groen. Ik moest denken aan wat Jules Deelder ooit schreef: ‘Ach als ik m’n ogen toe doe, dan ben ik in Honolulu.’ Maar met een echte herfststorm zou ik hier ook wel een keer ten anker willen liggen. Luisteren naar het geluid van de wind, naar de krachten van de elementen. Ver weg en zo dichtbij…

6