Those of you who rounded Cape Horn, might be interested in a formal recognition by our Foundation in the town of Hoorn. (Dutch/English) De Stichting Kaap Hoorn-vaarders … het vervolg en de tusitala …

De Stichting Nederlandse Kaap Hoornvaarders heeft als doel het in brede kring levend houden van de herinnering aan de grote zeilvaart.

www.kaaphoornvaarders.nl

ERKENNING KAAP HOORN-RONDING

NL : Wie een Kaap Hoorn-ronding heeft gedaan, is wellicht geïnteresseerd in een formele erkenning hiervan door de Stichting.

UK : Those of you who rounded Cape Horn, might be interested in a formal recognition by our Foundation in the town of Hoorn.

Er moet minstens 3000 zeemijl motorloos zijn gezeild, waarbij zowel de 50° Z op de Grote Oceaan als de 50° Z op de Atlantische Oceaan moet zijn gekruist en Kaap Hoorn moet zijn gerond.

Ik heb 3 certificaten: voor de rondingen met de Alisun (1989), de Zeeman (1993) en de C1000 (1997).

Met de Campina heb ik Kaap Hoorn ook gerond. Maar die telt dus niet mee voor de officiele ronding van 50 Z naar 50 Z

2002 op een Paasweekend… omdat ik rekening moet houden met de wind op de terugtocht ga ik dus eerst noord van Isla de Hornos langs om zo het eiland en Kaap Hoorn te ronden. Het blijft goed weer, maar er staan vlagen. De Hoorn steekt overal bovenuit. Per VHF meld ik mij bij de vuurtorenwachter. Een solitario zegt hij… bueno navigation. Ik zeil door Paso Mar del Sur en kom voor het donker aan bij Caletta Martial. Ik anker en maak erwtensoep uit een pakje en gooi er een blik erwten door. Ik heb een heerlijk voldaan gevoel.

 

NA DE NEVER ENDING VOYAGE MET DE JUNIPER (2007 -2011) kocht ik een totaal ander schip. Een zeescheepje dat wel. Geen zeilschip. Ik wilde eindelijk ook eens comfortabel wonen …. je wordt ouder, papa … in 2013 voer ik met de SOLITARIO naar Spitsbergen en in 2015 naar Galicie (NW Spanje ) … geen “geporthop” … al dat gedoe met havens … nee, de zee, mijn leven.  …. dat wil niet zeggen dat ik klaar ben met het vertellen van verhalen …. in Polynesie ben ik een “tusitala”  storyteller ….

www.kaaphoornvaarders.nl   this is the website of the Dutch Cap Hornier Society.

RECOGNITION CAPE HORN-ROUNDING

NL: Anyone who has done a Cape Horn rounding may be interested in a formal recognition by the Foundation.

UK: Those of you who rounded Cape Horn, might be interested in a formal recognition by our Foundation in the town of Hoorn.

At least 3,000 nautical miles must be sailed motorless, with both the 50 ° S in the Pacific and 50 ° S in the Atlantic crossed and the Cape Horn rounded.

I have 3 certificates: for the roundings with Alisun (1989), Zeeman (1993) and C1000 (1997).

I also rounded Cape Horn with Campina (2002).

But it does not count for the official rounding from 50 S to 50 S.

2002 during an Easter weekend … because I have to take into account the wind on the way back, I first go north of Isla de Hornos to round the island and Cape Horn. The weather remains good, but there are gusts. The Hoorn rises above everything. I report to the lighthouse keeper by VHF. Solitario he says… bueno navigation. I sail through Paso Mar del Sur and arrive at Caletta Martial before dark. I anchor and make pea soup from a packet and toss in a can of peas. Feeling satisfied.

 

 

AFTER THE NEVER ENDING VOYAGE WITH THE JUNIPER (2007 -2011) I purchased a completely different vessel. A sea-going vessel though. Not a sailing ship. I finally wanted to live comfortably…daddy, gets older … in 2013 I sailed SOLITARIO to Svalbard and in 2015 to Galicia (NW Spain)… no porthopping… all that hassle with ports… the sea is my life.  … It doesn’t mean I am finished with my storytelling … I am a “tusitala” Polynesian for storyteller …


Posted in Uncategorized by

Drie keer zou scheepsrecht zijn .. my third rounding of the Horn (1996) .. Comme dissais Olivier de Kersauson:’Passer I’Horn, c’est comme sortir du ‘trou du cul’ du diable.’

 

C1000: Lengte 21,30 mtr, breedte 11,60 mtr, diepgang 1,50/ 2,70 mtr, koolstof mast 26 mtr, kevlar verstaging, zeiloppervlakte 220 m2 + 120 m2 code zero, hoogste snelheid 36 knopen, beste 24 uurs afstand 420 mijl. Ik zeilde de C1000 in 1996 in 119 dagen nonstop rond de wereld. Later zeilde de C1000 onder de naam Simac.

 

Vanaf nu, 28 maart, krijg ik drie dagen met een prima wind. Dan vanaf zondag wordt het weer minder en de wind weer oost. Op een slechte piek, want de Drake Passage met Kaap Hoorn ligt voor me en daar kan ik eigenlijk geen oostenwind gebruiken. Dat stukje water staat toch al zo ongunstig bekend. Dit is mijn leven, dit is het leven. Ik leef hier een paar maanden in mijn eigen wereld. Daar tussen de Grote en de Atlantische Oceaan ligt Kaap Hoorn. Ze beweren dat een aantal mijlen uit de kust de duivel op je wacht met opengesperde muil, een muil van woest water en zware ketenen, woest brullend, menig schip naar zich toe trekkend. Dat is de zuigkracht van de Hoorn.

Het zijn vreemde dingen die de mens verzint. Hij kiest zijn vrijheid en geeft zich over aan de wind en noemt het tij zijn meester. Waar ik naar toe wil is het oneindige gevoel dat de zee je geeft, van door te varen, doelloos, desolaat, leeg over lege zeeën. De dimensies veranderen hier. Hier word je zelf een stukje oneindige zee. Een staat van genade, heel moeilijk over te brengen aan anderen. Je begrijpt het of je begrijpt het niet.

 

Het is 3 april dat ik Kaap Hoorn passeer. De 79ste dag, met een daggemiddelde van 245 mijl. Alles kan nog. Ik heb de Kaap niet gezien. Dezelfde dag begon een noordwesten storm. Ik bleef 50 mijl uit de kust. Ik voelde mij veilig, ver bij het land vandaan. En ik kreeg een compliment van Pierre, die zei dat ik het voorportaal van de hel briljant was gepasseerd. Ik voelde mij goed. Voorbij de Falklandeilanden werd de zee wat rustiger.

Attention Henk, c’est Pierre 3avril 1996-1440 UTC

Je suis tres content que tu sois la aujourd’hui. Comme dissais Olivier de Kersauson:’Passer I’Horn, c’est comme sortir du ‘trou du cul’ du diable.’ Ca veut aussI dire, qu’apres le Horn, meme si les conditions peuvent encore etre dures, c’est beaucoup moins mauvais.

C1000: Length 71 ft, beam 39 ft, draft 5 ft/9 ft, new 85 ft carbon mast, kevlar rigging, sailarea 2500 sqft + code zero 1500 sqft, highest speed 36 knots, best daily distance 420 miles, 119 days non-stop around the world. Great memories of a great boat.

From March 28, I get three days with a good wind. Then from Sunday the weather will decrease and the wind will turn east again. On a bad spot, because the Drake Passage with Cape Horn is in front of me and I can’t really use an easterly wind. There is always a storm. Or before the Horn, or during passage or after the passage.This is my life, this is life. I live here in a world of my own. Cape Horn lies between the Pacific and the Atlantic Ocean. They claim that a few miles from the coast the devil is waiting for you with open mouth, a mouth of raging water and heavy chains, roaring furiously, pulling many a ship towards him. That is the suction of the Horn.

There are strange things that people make up. He chooses his freedom and surrenders to the wind and calls the tide his master. What I want is the infinite feeling that the sea gives you, of sailing on, aimless, desolate, empty over empty seas. The dimensions change here. Here you become a piece of infinite sea. A state of grace, very difficult to convey to others. You either understand or you don’t.

It is April 3 that I pass Cape Horn. The 79th day, with a daily average of 245 miles. Everything is still possible. I have not seen the Cape. The same day, a northwest storm started. I stayed 50 miles offshore. I felt safe far away from land. And I got a compliment from Pierre, who said I had passed the portal of hell brilliantly. I felt good. Beyond the Falkland Islands, the sea calmed down.

Attention Henk, c’est Pierre 3avril 1996-1440 UTC

Je suis tres content que tu sois la aujourd’hui. Comme dissais Olivier de Kersauson: ‘Passer I’Horn, c’est comme sortir du’ trou du cul ‘du diable.’ Ca veut aussI dire, qu’apres le Horn, meme si les conditions peuvent encore etre dures, c’est beaucoup moins mauvais.


Posted in Uncategorized by

De tweede keer Kaap Hoorn (1993) .. By morning everything is suddenly over again. Just as soon as the storm had risen. I am tired, very tired. Tired. the lack of sleep, the sea, sea, sea … with my small yellow boat between the waves. (Dutch/English)

De tweede keer Kaap Hoorn (1993)

Het vorige verslag komt uit het boek Een Sfeer van 0nrust. Deze ronding komt uit Zwaaien naar Bluff.


 

De Zeeman reis werd geteisterd door weinig wind en hoewel ik in 90 dagen van Brest naar Kaap Hoorn zeilde, was de gemiddelde dagafstand van 220 mijl te weinig om het record te breken. Ook de passage van Kaap Hoorn was een drijfpartij.

 

 

 

Zondag de eenentwintigste drijft de Zeeman langzaam in de richting van de Kaap. Lage grijze wolken beheersen de hemel. Af en toe valt er motregen. Windkracht een. De zee is kalm. Zwart. Albatrossen drijven op het water en ik zie dolfijnen en pinguins om de boot. Als het donker wordt moet ik mijn koers zelfs naar het zuiden verleggen omdat de wind nu helemaal wegvalt en de stroom me in de richting van de kust zet. Die nacht drijf ik Kaap Hoorn voorbij. Ik spreek via de marifoon met de vuurtorenwachters van Kaap Hoorn. Ze wensen me een goede reis…. en ik ik hoor voor de tweede keer; buen viage solitario.

 

 

 

Pas bij de Falkland eilanden krijg ik een zware storm.Om drie uur in de middag draai ik de reacher weg. De wind neemt toe. Opeens begint de wind met stoten toe te nemen. Het water stuift plotseling om me heen en golven rollen nu over het dek. Ik moet me met een lijflijn vastzetten om niet overboord te worden gespoeld en het water staat in m’n zeilpak en in mijn laarzen. De wind loopt op naar zeven, acht, negen. De barometer zakt ook. Ik zet een vierde reef. Vijfenvijftig knopen wind. Windkracht 11. De hele zee is wit en groen. Dalen zijn er niet. Het zijn alleen maar brekers, de ene na de andere. Ongelofelijk, wat een lawaai. Ik trek droge sokken aan om de laarzen te drogen en warm te blijven. Warm blijven is heel belangrijk op dit moment. Tegen de ochtend is alles ineens weer voorbij. Even snel als de storm is opgekomen. Ik ben moe, ontzettend moe. Moe. het gebrek aan slaap, het altijd maar moeten, zee, zee, zee… met het gele scheepje heel nietig tussen de golven.

 

The second rounding of Cape Horn (1993)

The previous report came from the book Een Sfeer van 0nrust. This one comes from Zwaaien naar Bluff. ( Books only in Dutch, although Een Sfeer van Onrust is in German too ,with the title Denk nicht an zu Hause)

 

 

 

The Zeeman voyage was plagued by little wind and although I sailed from Brest (France) to Cape Horn in 90 days, the average daily distance of 220 miles was not enough to break the record. The rounding of Cape Horn was also a drifting party.

 

 

 

On Sunday the twenty-first of April, Zeeman drifts slowly towards the Cape. Low gray clouds. Occasionally drizzle. Wind force one. The sea is flat calm. Albatrosses float on the water and I see dolphins and penguins around the boat. When it gets dark I even have to change my course to the south because the wind is now completely gone and the current is moving me towards the coast. That night I slowly drift past  the Horn. I speak by VHF radio with the lighthouse keepers of Cabo de Hornos and I hear them wishing me a good voyage: buen viage solitario.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Only at the Falkland Islands I get a heavy storm. At three o’clock in the afternoon I take the reacher down. Suddenly the wind starts to increase with gusts. The water rushes around me and green water rolls over the deck. I have to fasten myself with a lifeline to avoid being washed overboard. Water enters my foul weather gear and in my boots. The wind is rising to seven, eight, nine. The barometer also drops. I put a fourth reef. Fifty-five knots of wind. Wind force 11. The whole sea is white and green. There are no dips. They are only “crushers “, one after the other. Incredible, what a noise. I put on dry socks to dry the boots and keep warm. Staying warm is very important right now. By morning everything is suddenly over again. Just as soon as the storm had risen. I am tired, very tired. Tired. the lack of sleep, the sea, sea, sea … with my small yellow boat between the waves.


Posted in Uncategorized by

Cape Horn (1989) … It took twenty three days to cross the Pacific, an average of two hundred and five miles a day. (Dutch/English)

Vier maal Kaap Hoorn en ik zal ze alle vier bespreken.

De eerste keer (1989)

 

 

Alisun J&B, ex British Airways van Robin Knox-Johnston, ontworpen door by Rod McAlpine Downie, lengte 18 mtr, breedte 9 mtr, diepgang 0,60/2,70 mtr, zeiloppervlakte 100 m2 +mps 120 m2.

 

 

 

Het heeft drieentwintig dagen geduurd om de Pacific over te steken, een gemiddelde van tweehonderdenvijf mijlen per dag. De nacht is koud, maar ik sta aan het dek naar de hemel te turen. Het is heel donker, maar ook heel helder. Miljoenen sterren flonkeren aan het firmament. Ik zoek het Zuiderkruis en zie het heel hoog boven mij staan. Er laat een rilling door mij heen, de magie van het zuiden. Eerst staat het Zuiderkruis met de staart naar beneden en als de nacht overgaat in de morgen, is haar vorm omlaag gedoken zijn en staat de staart omhoog, de sterren Hadar en Rigel Kent.

 

 

Het is heel koud, dat de komt vast doordat de wind uit het noorden komt, direct van de Patagonische ijsvlakte. De zee is kalm, te kalm na de stormen van de afgelopen dagen. De stilte dringt in mij en er is niets waarmee ik mij warmen kan. De stilte is een teken van macht, de macht van Kaap Hoorn. Ik heb zo vaak aan dit moment gedacht en kon mij er absoluut niets bij voorstellen. Daar ligt de Kaap, en ik zie haar niet.  Ik kan de kleur van het water niet zien, het is echt erg donker terwiji er zoveel sterren staan. Ondoorgrondelijke verten. Ongelooflijke stilte, terwijl het water rond de boegen ruist. Helderheid en stilte ze horen bij elkaar,  nu is de stilte de ontspanning na de Grote Oceaan. De stilte is diep in mij en vreet aan mij en de stilte wordt eenzaamheid omdat ik de Hoorn niet zie.

 

Zo ver ben ik nu gekomen. Ik blijf buiten zitten en ben absoluut niet moe. Als het weer een beetje licht wordt, sta ik aan dek en kijk naar het noordwesten. Het begint in mij te juichen, ik roep het uit, want daar aan de horizon zie ik land, ik zie de toppen van diverse eilanden en bergen, ik zie Kaap Hoorn, heel duidelijk.  55° 58′ 48″ S, 67° 17′ 21″ W

 

 

 

Kaap Hoorn is magie, na stormen, na ontzettende zeeën.

De Hoorn… de laatste der grote Kapen en ik heb ze allemaal gerond.

 

De wolkenhorden, langgerekte baren

omgorden een heelal, ledig en grauw.

De onzichtbare wind, de diepten openbaren

Mij meer geheimen dan de diepste vrouw.

(Slauerhoff, derde couplet van De Albatros)

 

Cape Horn four times and I will discuss all four.

The first time (1989)

The vessel was a 60ft catamaran, designed by Rod McAlpine Downie and ex-British Airways of sir Robin Knox-Johnston. Named Alisun J&B, length 60 ft, beam 30 ft, draft 2.6ft/9 ft, sailarea 1200 sqft + mps 1000 sqft.

 

It took twenty three days to cross the Pacific, an average of two hundred and five miles a day. The night is cold, but I’m standing on deck looking at the sky. It is very dark, but also very bright. Millions of stars twinkle in the sky. I look for the Southern Cross and see it standing very high above me. A shiver runs through me, the magic of the south. At first, the “tail” of the Southern Cross faces down, and as night turns to morning, its shape has changed and the tail is up, the stars Hadar and Rigel Kent.

 

 

It is very cold, because the wind comes from the north, directly from the Patagonian ice. The sea is calm, too calm after the storms of the past few days. Silence penetrates me and there is nothing I can warm myself. Silence is a sign of power, the power of Cape Horn. I have thought about this moment so many times and could not imagine anything about it. That’s where the Cape is, and I don’t see her. I cannot see the color of the water, it is really dark because there are so many stars. Inscrutable distances. Incredible silence as the water rushes around the bows. Clarity and silence they belong together, the silence is the relaxation after the Pacific. The silence is deep within me and the silence becomes loneliness because I do not see the Horn. 55° 58′ 48″ S, 67° 17′ 21″ W

 

 

 

I stay outside and I am not tired at all. When the dawn starts to glow, I am on deck looking northwest. I cry out, because there I see land on the horizon, I see the tops of various islands and mountains, I see Cape Horn very clearly. Cape Horn is magic, after storms, after tremendous seas…

The Horn … the last of the great Capes and I rounded them all.

 

 

 

 

Where lies the land to which the ship would go?
Far, far ahead, is all her seamen know.
And where the land she travels from? Away,
Far, far behind, is all that they can say.

( Arthur Hugh Clough 1819 –1861 )


Posted in Uncategorized by

Continuing Japan, it was the people who made these 6 months unforgettable … (Dutch/English)

 

Als ik naar de weerberichten kijk, dan besluit ik vrijdag 21 mei te vertrekken. Met een dag kan ik in Omaezaki zijn. Hier lig ik een week want het stormt. Tijdens een wandeling komt een Japanner naar me toe met een fiets. Zonder woorden krijg ik van hem een prachtige vouwfiets. Daama draait de wind naar het oosten.  Het waait, ik fiets  kletsnat door de stromende regen.

 

 

 

 

Kamogawa blijkt een prachtig kustplaatsje te zijn met een kleine jachthaven. Een vissershaven en een groot strand. De mensen zijn er zeer prettig. Een trimaran als de Juniper baart opzien. De volgende haven is Iwaki. Vanmorgen liep ik zonder een meter zicht Miyako aan. De zon probeerde er nog door te komen. Net voor de haven klaarde het even op en ik zag een paar masten en een havenhoofd. De deken van dikke mist kwam terug, maar ik had genoeg orientatie om te weten waar ik heen moest. . Naast de marina ligt een vissershaven en het stadje is niet ver weg. Ik werd voorgesteld aan de burgervader, Masanori Yamamoto. Het gebied is aardbeving- en tsunamigevoelig.

 

 

 

De kust is prachtig. De boeddhistische monnik Reikyo zei een paar eeuwen geleden al dat de stranden hier als het jodo (paradijs) waren. Jodogahama Beach staat ook bekend om haar stille pracht.

 

Dan volgen 250 mijlen in mystieke, dikke mist naar Kushiro. Het zicht is beperkt tot een paar honderd meter. Er staat ook weinie wind en gedurende de nachten motor ik mee. Hokkaido is het noordelijkste eiland van Japan. Voorbij zijn de tempels. Daarvoor in de plaats ligt er sneeuw op de bergen. De zomers zijn kort. De winters lang. Op het land staan de velden vol bloemen en koeien grazen op de hellingen. Kushiro is prettig. Ik lig voor een winkelcentrum en naast het Kushiro Art museum.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Zondags is er een pianoconcert in de overdekte, altijd groene tuin en in het museum is een speciale dag voor gehandicapten. Het was zeer ontroerend een koor doofstommen te horen en zien zingen. Wie is de mens ? Wat is de mens ? Heb je hem gevoed ? Heb je hem getroost ? Heb je hem geholpen ?  Want wat je aan een ander heb gedaan heb je aan mij gedaan…

 

Japan was anders. Japan is oosters maar ook weer niet.

Het waren de mensen die mijn verblijf onvergetelijk hebben gemaakt.

Hier heerst respect voor elkaar … ongeacht !!

 

 

When I look at the weather reports, I decide to leave on Friday 21 May. One day I can be in Omaezaki.  I stayed a week because of a storm. While walking in the village someone gave me a bicycle. Without words … for free, I could keep it.  I bike  soaking wet through the pouring rain. Nevertheless, I feel very good because I am on my way again.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Kamogawa turns out to be a beautiful coastal town with a small marina. A fishing port and a large beach. The people are very pleasant. A trimaran like the Juniper is causing a stir. The next port is Iwaki. This morning I enterd Miyako without a meter of sight. The sun was trying to get through. But when it cleared up I saw a few masts and a breakwater. Thick fog came back, but I had enough orientation to know where to go. . There is a fishing port next to the marina and the town is not far away. I was introduced to the mayor, Mr Masanori Yamamoto.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

The area is sensitive to earthquakes and tsunami. The coast is beautiful. A few centuries ago, the Buddhist monk Reikyo said that the beaches here were like the jodo (paradise). Jodogahama Beach is also known for its quiet splendor.

 

 

Then 250 miles in mystical thick fog followed to Kushiro. Visibility is limited. There is also little wind and during the nights I motor along. Hokkaido is the northernmost island in Japan. Gone are the temples. In its place there is snow on the mountains. Summers are short. The winters long. On the land, the fields are full of flowers and cows graze on the slopes. Kushiro is pleasant. I am moored in front of a shopping center and next to the Kushiro Art museum.

 

 

 

 

On Sundays there are a piano concerts in the covered, evergreen garden and in the museum there is a special day for the disabled. I was moved to hear a deaf-mute choir and see them sing. Who is man? What is man? Did you feed him? Did you comfort him? Did you help him? Because what you did to someone else you did to me …

 

 

 

Japan was different. Japan is oriental, but it is not.

It was the people who made my stay unforgettable.

Here there is respect for each other … regardless !!


Posted in Uncategorized by