Vanaf het moment dat ik in 2010 besloot terug te gaan naar Nederland ben ik me af gaan vragen; maar wat dan ? Dat het een boot moest blijven was duidelijk (Dutch/English) … From the moment I decided to return to the Netherlands in 2010, I started to wonder; what then? It was clear that it had to be a boat.

De een gaat op z’n 80ste nog een keer de wereld rond. De ander beklimt op hoge leeftijd nog de Everest. Het enige wat voor ons allemaal geldt is dat het een eigen keuze is. Dus van een zeilboot ging ik naar een motorboot. Ik hou van schepen, ik hou van varen, ik zeil, ik vaar, ik hou van zeevaart, binnenvaart, visserij, offshore gebeuren zolang het maar vaart … het is geen hobby, het is m’n leven. We zijn in een polariserend tijdperk beland, het proces waarbij een groep wordt opgedeeld in tegengestelde subgroepen. Dat polariseren is er altijd al een beetje geweest, neem bijvoorbeeld – de zeilboot – motorboot tegenstellingen. Meningen, het zijn allemaal meningen.

Vanaf het moment dat ik in 2010 besloot terug te gaan naar Nederland ben ik me af gaan vragen; maar wat dan ? Dat het een boot moest blijven was duidelijk. Dat ik ouder wordt is ook duidelijk. Dat ik tussen m’n 15de en nu (72) slechts 3 jaar in een huis heb gewoond maakt veel uit. Ik ging kijken naar een boot met meer leefruimte, zeewaardig tussen Spitsbergen en Galicië en binnen mijn budget, dat waren de vereisten. Je koopt een boot met 2 criteria a) je portemonnee en b) je hart.

 

 

 

 

 

 

 

 

In Japan zag ik die fantastische Japanse visserschepen. In Alaska zag ik de trollers en terug in Nederland verkocht ik de Juniper en kocht de Solitario.

 

De eerste reis ging naar Spitsbergen, de tweede naar Galicië. Spitsbergen als een expeditie in de voetsporen van Sjef van Dongen ( zie https://fransmouws.nl/films/de-vergeten-held/ ) en Galicië omdat dat naast Noorwegen een van mijn favoriete streken van Europa is. En beiden op relatieve korte afstand. Hemelsbreed is het 1700 mijl naar Spitsbergen dus in 1 week doorzetten naar de Lofoten, daarna een week door de fjorden en in 5 dagen door de Barendszee naar Longyearbuyen.

 

 

 

Naar Galicië op dezelfde manier. Eerst binnendoor naar Terneuzen, daarna 3 dagen door het Engels kanaal naar de Helford river (Cornwall), een paar dagen heerlijk ten anker en dan in 3 en een halve dag 420 mijl door de Biskaje, naar voorbij Finisterre. Heerlijk dat varen … niks afmeren hier, afmeren daar … ik ben niet op vakantie … !

(wordt vervolgd)

 

 

One person goes around the world at the age of 80. The other still climbs Everest at an advanced age. The only thing that applies to all of us is that it is our own choice.

I went from a sailboat to a motorboat. I like ships, I like sailing, I sail, I like seaging vessels, inland shipping, fishing, offshore as long as it sails… it is not a hobby, it is my life.
We have entered a era of polarization,
the process whereby a group is divided into opposing sub-groups.. There has always been a little bit of polarization, take for example – sailboat – motorboat. Opinions, nothing but opinions.


From the moment I decided to return to the Netherlands in 2010, I started to wonder; what then? It was clear that it had to be a boat. It is also clear that I am getting older. I lived only 3 years in a house between my 15th and now (72). So I went looking for a boat with more living space, where I could stand upright, seaworthy between Svalbard and Galicia and within my budget, those were the requirements.

In Japan I saw those fantastic Japanese fishing boats. In Alaska I saw the trollers and back in the Netherlands I sold Juniper and purchased Solitario. The first trip went to Svalbard, the second to Galicia. Svalbard as an expedition in the footsteps of Sjef van Dongen (see https://fransmouws.nl/films/de-vergeten-held/ ) and Galicia because, next to Norway, it is one of my favorite regions in Europe. And both at relatively short distance. As the crow flies, it is 1700 miles to Svalbard, so in 1 week we sailed to Lofoten, then a week through the fjords and 5 days through the Barends Sea to Longyearbuyen. To Galicia in the same way. First via the inland waterways to Terneuzen, then 3 days through the English channel to the Helford river (Cornwall), at anchor for a few days and then 420 miles in 3 and a half days through the Biscay, beyond Finisterre. Wonderful … no mooring here or mooring there … I’m not on vacation … !

(to be continued)


Posted in Uncategorized by

Rapa Nui … namen en ik wil ze allemaal bedanken … . mauruuru roa … thank you so much !

Toen we op Paaseiland waren (1981) telde het eiland 1800 inwoners, slechts één keer per jaar kwam er een regeringsboot met voorraden. Er was een vliegveld gemaakt door de VS, maar er kwamen geen vliegtuigen en geen toeristen. Drie Nederlandse ingenieurs kwamen om een radiorichtingszoeker te installeren. Slechts één keer sprak ik via de marifoon met een passerend vrachtschip. Tegenwoordig wonen er 5000 mensen op het eiland en komen er jaarlijks 50.000 toeristen op bezoek.

Namen die ik me herinner en ik wil ze allemaal bedanken.


Antonio Tepano, Isidrio, Marco, Mama Isabel, Carlos de la Barrera, Mama Veronica Atamu Atan, Claudio Christino Ferrando. Henry en Michel Garcia. Felipe Teao, Gerardo Velasco, Pato en Elvira, Benito Rapahango. Maria en Noela, Bene Tuki, Tuhiira, Josef Schmid, Padre David …

en alle mensen wiens naam ik ben vergeten…. mauruuru roa… heel erg bedankt!

(De foto’s zijn van het tweede bezoek in 2002, je ziet de Campina afgemeerd in het enige haventje Hanga PIko)

When we were on Easter Island (1981) the island had 1800 inhabitans, only once per year a goverment boat came with supplies. There was an airport made by the USA but no planes and no tourists. Three Dutch engineers came to install a radio direction finder. Only one time I spoke by VHF to a passing freighter. Nowadays 5000 people live on the island and 50.000 tourists visit anually.

Names I remember and I want to thank them all.

Antonio Tepano, Isidrio, Marco, Mama Isabel, Carlos de la Barrera, Mama Veronica Atamu Atan, Claudio Christino Ferrando. Henry and Michel Garcia. Felipe Teao, Gerardo Velasco, Pato and Elvira, Benito Rapahango. Maria and Noela, Bene Tuki, Tuhiira, Josef Schmid, Padre David …

and all the people whose name I have forgotten …. mauruuru roa … thank you so much !

(The pictures are from the second visit in 2002, Campina is moored in the little harbour of Hanga Piko)


Posted in Uncategorized by

Rapa Nui … we zijn er zeven maanden gebleven. Wij hebben er gewoond. We waren geen passerende “mataroa’s” meer, we hoorden erbij. (Dutch/English) ..there is music and singing … opaopaopa te pahi te rangi nei hei Rapa Nui hei. The following days we wander between volcanoes and statues.

Rapa Nui, Paaseiland, voor ons een plek om nooit te vergeten.

Omdat het eiland geen goede ankerplaatsen biedt werd de Orowa op 2april 1981 bij Hanga Piko op de wal gezet. Paaseiland is op een Paasmaandag in 1722 ontdekt door Jacob Roggeveen, op zoek naar het Terra Incognito. Volgens de autoriteiten in Valparaise Chili was de Orowa het eerste Nederlandse schip weer na 259 jaar.

Volle maan, 17 juli 1981 om 01.25 uur plaatselijke tijd wordt Jan Steven Vairoa geboren. Vairoa is een Polynesische naam en betekent ,,groot water”, hij die van ver over zee kwam. De Paaseilanders zijn blij, dat Stefan, ook een Polynesische naam heeft en zeggen; als Vairoa straks met zijn vader en moeder van ons eiland vertrekt, dan zal hij aan zijn tweede reis beginnen.

Wij zijn er zeven maanden gebleven. Wij hebben er gewoond. We waren geen passerende “mataroa’s” meer, we hoorden erbij. Met een expeditie van de universiteit van Santiago de Chili onder leiding van Claudio Christino zijn we naar Motu Matiro Hiva geweest, dat nu Sala y Gomes heet. We zijn Pascuensers, we horen hier. Maar er is een tijd van komen en een tijd van gaan. Door Padre David wordt de Orowa gezegend. We zeilen het paradijs van de Stille oceaan tegemoet. We hadden veel “mana” en Make Make was bij ons, hadden ze ons toegezongen.

21 jaar later in 2002 met de Campina zeil ik onder de zuidkust door en rond de Motu’s bij Rano Kau. Ik heb radiocontact en krijg een plaatselijke loods aan boord om mij tussen de rotsen van Hanga Piko door te loodsen. Het is een bekende: een van de visserlui van Hanga Piko, Isidrio, 21 jaar geleden… als ik vertel wie ik ben noemt hij mij Papa Henk … ik ben terug.

Ik had Stefan altijd beloofd hem een keer naar het eiland te brengen waar hij geboren is en deze keer is het zo ver. Hij komt en een camerateam van SBS6 komt mee. Het is avond en donker. In de vissershut van Isidrio staat een tafel gedekt. Vairoa is thuis, er is muziek en er wordt gezongen… opaopaopa te pahi te rangi nei hei Rapa Nui hei. De volgende dagen dwalen we tussen vulkanen en beelden. We rijden met de motor de Ranu Kau op en verbazen ons over de pracht van de diepe krater en de straalbuiging van de horizon vanaf Orongo, waar Motu Nui, Motu Iti en Motu Raka Raka in de blauwe zee, diep onder aan de steile kliffen, liggen te schitteren in de zon en de horizon tot in de verste verte buigt in haar ronding. De week is zo voorbij. Stefan vliegt terug. Ka oho riva riva a rarva ko Make Make. …het is 15 juli, als ik vertrek naar zee.

Over elke reis, over elke periode is zo veel te schrijven. Een zeeman gaat naar zee en is dan blij als hij aankomt maar net zo blij als hij weer vertrekt.

Daar hoort weemoed bij. Zoals de Fransen zeggen; partir c’ est mourir un peu. In de middag zie ik Rapa Nui achter de horizon verdwijnen, voor mij ligt de zee!

Rapa Nui, Easter Island, a place to remember.

Because the island does not offer good anchorages, Orowa was put ashore at Hanga Piko on April 2, 1981. Easter Island was discovered on an Easter Monday in 1722 by Jacob Roggeveen, in search of the Terra Incognito. According to the authorities in Valparaise Chile, the Orowa was the first Dutch ship again after 259 years.

Full moon, July 17, 1981 at 1:25 am local time, Jan Steven Vairoa is born. Vairoa is a Polynesian name and means “large water”, he who came from far over the sea. The Easter Islanders are happy that Stefan also has a Polynesian name and say; when Vairoa leaves our island he will embark on his second journey. We stayed there for seven months. We have lived there. We were no longer passing “mataroas”, we were one of them.

With an expedition from the University of Santiago de Chile led by Claudio Christino we went to Motu Matiro Hiva, which is now called Sala y Gomes. We are Pascuensers, we belong here. But there is a time to come and a time to go. Orowa was blessed by Padre David. We sailed into the Pacific. We had a lot of “mana” and Make Make was with us, they sung to us.

21 years later in 2002 with Campina. I sail under the south coast and around the Motus at Rano Kau. I got radio contact and got a local pilot on board to guide me through the rocks of Hanga Piko. His name was Isidrio: one of the fishermen from Hanga Piko, 21 years ago … when I tell him who I am he calls me Papa Henk … I am back.

I had always promised Stefan to take him to the island where he was born and this time the time had come. He comes and a camera team from SBS6 comes along. It is evening and dark. A table is set in the fishing hut of Isidrio. Vairoa is home, there is music and singing … opaopaopa te pahi te rangi nei hei Rapa Nui hei.

 

 

 

 

 

 

The following days we wander between volcanoes and statues. We went up the Ranu Kau and marvel at the beauty of the deep crater and the diffraction of the horizon from Orongo, where Motu Nui, Motu Iti and Motu Raka Raka in the blue sea, deep below the steep cliffs, lie glittering in the sun and the horizon bends in its roundness far into the distance. The week was over in no time. Stefan flies back. Ka oho riva riva a rarva ko Make Make. … it is July 15, when I leave to continue my voyage.

There is so much to tell about every journey, about every period, about every place. A sailor goes to sea and is happy when he arrives but just as happy when he leaves.That includes melancholy. As the French say; partir c ‘est mourir un peu. In the afternoon I see Rapa Nui disappear behind the horizon, in front of me lies the sea !


Posted in Uncategorized by

Icy Bay is zo’n andere plek van stilte en vrede. De hoge berg waar ik op uitkijk is Mount St. Elias, met 5500 meter de vijfde hoogste berg van Noord-Amerika (Dutch/English) .. Icy Bay is an other place of silence and peace. The high mountain is Mount St. Elias, at 5500 meters the fifth highest mountain of North America.

 

 

De Aleoeten eilanden en de zuidkust van Alaska heeft mij ook haar geweldige pracht laten zien. De prachtige vulkaan Shishaldin op Unimak gaat in paarse kleuren aan me voorbij. In Sandy Point lig ik tussen een paar honderd vissersschepen. Bij Katmai zie ik vulkaanas op de hellingen liggen en grizzly beren op het strand lopen. Kodiak is een hoogtepunt.

 

 

 

 

Icy Bay is zo’n andere plek van stilte en vrede. De hoge berg waar ik op uitkijk is Mount St. Elias, met 5500 meter de vijfde hoogste berg van Noord-Amerika. De zon schittert op de hoge sneeuw en de diverse armen van de gletsjer laten lichtgroene en blauwwitte kleuren zien.

 

 

 

 

Het water heeft een ondoorzichtige, lichtblauwe kleur, alsof er melk in drijft. Ik wandel over het strand de bossen in waar een zwarte beer op tien meter afstand naar me kijkt. Heel stil loop ik achteruit terug naar de rubberboot …de beer bleef kijken.

 Elke streek, elke plaats is een heel hoofdstuk waard.

 

 

 

 

The Aleutian Islands and the south coast of Alaska have also shown me its amazing beauty. The beautiful volcano Shishaldin on Unimak passes by in purple colors.

 

 

 

 

 

 

 

In Sandy Point I am moored among a few hundred fishing boats. At Katmai I see volcanic ash on the slopes and grizzly bears walking on the beach. Kodiak is a standout.

 

 

 

 

Icy Bay is an other place of silence and peace. The high mountain is Mount St. Elias, at 5500 meters the fifth highest mountain of North America. The sun shines on the high snow and the various arms of the glacier show light green and blue-white colors. The water has an opaque, light blue color, as if milk is floating on it. I walk along the beach into the woods where a black bear looks at me ten meters away. Very quietly I walk backwards to the dinghy … the bear kept watching.

 

 

 

 


Posted in Uncategorized by

Over het niets en nog een heel bijzondere plek. ..(Dutch/English) .. about nothingness and another very special place.

Over het niets en een heel bijzondere plek. Voor mij ten minste. Wat maakt een plek de mooiste ? Jean Heylbroeck ( schrijver van de wereld is rond isbn 9789064104572 ) schreef me; de plek waar je verliefd wordt, ook al regent het. Dit is natuurlijk tweeledig uit te leggen.


In 2001 werd ik geweigerd in Murmansk en zeilde naar Spitsbergen. Ik vaar door dikke schotsen ijs de baai in. Voorbij een eiland. Het ijs is oud ijs. Schotsen van zo`n meter dikte. Ik draai na het eilandje de baai binnen.

 

 

 

 

 

 

Stilte, vlak water, veel ijs, zeehonden op schotsen, in het midden weer een rotspartij, ik probeer tussen die rotsen en de wal door te varen, niet genoeg water, ik terug, er omheen, dieptes 10 meter, ijs.

 

 

 

 

 

Mooi ijs, stil ijs, rust, stilte. Ik anker in 6 meter water, dicht bij een strandje met een beekje. De zeehonden blijven gewoon liggen. Het is zo mooi. De wal weerkaatst in het water tussen de schotsen. Het enige geluid is het kabbelende beekje. Het is zo stil, zo mooi, zo vredig… Ik zit nog uren aan dek. De zon komt hoger en maakt het warmer. Het is misschien wel vijftien graden in de zon, zonder wind.

 

 

Ik denk niet dat hier ooit een jacht is geweest en wil de positie van het plekje eigenlijk voor mij zelf houden. Er is hier niets. Niets dan stilte, niets dan pure stilte.

In LOT ONBEKEND kom ik er op terug en laat hem overwinteren.

Op de open stukken tussen de schotsen lag een dun laagje nieuw ijs. Tot 6 augustus was het vierentwintig uur per dag licht. Daarna verdween de zon steeds langer onder de horizon. De GPS wees een positie aan van 80°18’NB en 24°15’OL.

About nothingness and another very special place. At least for me. What makes a place the most beautiful? Jean Heylbroeck wrote to me; the place where you fall in love, even when it rains. This can of course be explained in two ways.

I sail through thick ice floes into the bay. Beyond an island. The ice is old ice of about a meter thickness. I turn into the bay around the island.

Silence, flat water, lots of ice, seals on floes, in the middle another rocky outcrop, I try to sail between those rocks and the shore, not enough water, I go back and round the islet from the other side, depths 10 meters, ice. Beautiful ice, silent ice, peace, silence. I anchor in 6 meters of water, close to a beach with a stream. The seals just stay where they are. It is so beautiful. The embankment reverberates in the water between the floes. The only sound is the babbling brook. It’s so quiet, so beautiful, so peaceful … I’ll be on deck for hours. The sun rises and makes it warmer. It’s15 degrees C in the sun, without wind. I think there has never been a yacht here and I actually want to keep the position of the spot to myself. There is nothing here. Nothing but silence, nothing but pure silence.

 

In my book LOT ONBEKEND ( unfortunate only in Dutch) I came back to this spot and let “him” stay a winter. There was a thin layer of new ice on the open areas between the floes. It was daylight twenty-four hours a day until August 6. After that, the sun disappeared more and more below the horizon. The GPS indicated a position of 80 °18’N and 24 °15’E.


Posted in Uncategorized by